Wie nu bouwt, begint bij het stopcontact
Een ontwikkelaar van distributiecentra vertelt waarom stroom belangrijker is geworden dan grond. En waarom hij soms twee jaar wacht op een aansluiting.
Hij ontwikkelt al vijftien jaar distributiecentra in Nederland en België. Zijn bedrijf, een middelgrote ontwikkelaar uit het zuiden van het land, bouwde in die tijd ruim een miljoen vierkante meter. Maar zo moeilijk als nu was het nog nooit, zegt hij.
Wat is er veranderd?
"Vroeger begon een project met grond. Je zocht een goede locatie bij een snelweg, kocht de grond en vroeg een vergunning aan. Nu begin je met de vraag: is er stroom? Als het antwoord nee is, hoef je verder niet te kijken."
Hoe groot is het probleem?
"In grote delen van het land zit het stroomnet vol. Een nieuwe aansluiting kan twee tot vier jaar duren. Huurders willen hun dak vol zonnepanelen, ze willen elektrische vrachtwagens laden en ze willen koelen. Dat vraagt allemaal stroom."
Een distributiecentrum zonder aansluiting is geen gebouw, het is een parkeerplaats met een dak.
Wat doet u eraan?
"We bouwen zelf batterijen in, zodat we stroom kunnen opslaan. En we werken samen met buren op een bedrijventerrein. Samen een aansluiting delen gaat soms sneller dan ieder apart. Maar dat zijn noodoplossingen."
Wat moet er gebeuren?
"Netbeheerders moeten sneller kunnen bouwen. En gemeenten moeten stroom meenemen als ze een bedrijventerrein plannen. Nu wordt het vaak pas aan het eind bekeken. Dan is het te laat."
Bouwt u nog?
"Ja, maar minder. En alleen waar we zeker weten dat er stroom is. Dat maakt de goede locaties schaars, en dus duurder. Voor beleggers is dat goed nieuws. Voor huurders minder."
