Waarom pensioenfondsen hun vastgoed herschikken
Grote pensioenfondsen verkopen kantoren en winkels en kopen meer logistiek en zorgvastgoed. Achter die verschuiving zit een nieuwe kijk op risico.
Pensioenfondsen zijn de grootste beleggers in Nederlands vastgoed. Wat zij doen, merkt de hele markt. En wat ze nu doen, is opvallend: ze verkopen gebouwen die jarenlang als veilig golden.
Van kantoor naar distributiecentrum
Tien jaar geleden bestond een typische portefeuille vooral uit kantoren en winkels. Nu schuift het gewicht naar logistiek, zorgvastgoed en datacenters. Die sectoren groeien door trends die nog jaren doorgaan: online winkelen, vergrijzing en digitalisering.
Een nieuwe kijk op risico
Het belangrijkste motief is risico. Een kantoor met één huurder en een contract van vijf jaar is riskanter dan lang werd gedacht. Als die huurder vertrekt, staat het gebouw leeg en moet er flink worden geïnvesteerd.
We kijken niet meer alleen naar het rendement van vandaag, maar naar de vraag of het gebouw over twintig jaar nog nodig is.
ESG als filter
Ook duurzaamheid speelt een grote rol. Pensioenfondsen moeten verantwoorden hoe duurzaam hun beleggingen zijn. Gebouwen met een slecht energielabel passen daar steeds minder in. Verduurzamen kost geld, en dat geld steken fondsen liever in gebouwen met een toekomst.
Wat het betekent voor de markt
Voor kopers van kantoren biedt de verschuiving kansen. Er komen gebouwen op de markt tegen prijzen die een paar jaar geleden ondenkbaar waren. Voor wie durft te transformeren of te verduurzamen, kan dat een goede belegging zijn.
